11 december 2012

The Hob(bit much of the same)

The-Hobbit-still.jpgIk doe het normaal nooit, maar over The Hobbit had ik dan toch al enkele recensies gelezen voor ik hem gisterenochtend - ja, ik ben eens letterlijk voor dag en dauw opgestaan - ging bekijken, in 3D en geprojecteerd aan 48 beelden per seconde uiteraard.

 

Eerlijk: ik ben blij dat ik die (veelal negatieve) recensies op voorhand had gelezen, want daarmee lagen mijn verwachtingen al wat lager en vond ik hem nog redelijk meevallen. De waarheid gebiedt mij nu wel te zeggen dat er weinig dingen mij minder interesseren dan dwergen, trollen, elfen en - vooral die - hobbits. Ik ben zelfs al personen tegengekomen die interessantere dingen over Linux te vertellen hadden dan er mij ooit iemand met verhalen over trollen heeft kunnen boeien. Oké, ik overdrijf - er hebben al mensen zelfmoord gepleegd van iemand passioneel over Linux te horen babbelen - maar ik wil maar zeggen dat zo'n hoop merkwaardige creaturen (ik heb het nu terug over trollen, niet over mensen die over Linux praten) mij niet doen overlopen van enthousiasme. En het is nu ook weer niet alsof er in die Tolkien-verfilmingen van Peter Jackson veel subtekst zit, dus louter narratief zijn dat dingen die ik gewoon onderga. Ik vond The Lord of the Rings niet saai - Jackson is een goede verteller - maar ik vond het evenmin onwezenlijk boeiend.

 

Maar goed, het grote probleem van The Hobbit: An Unexpected Journey is dat de film één ding vooral niet is: unexpected. Los van het feit dat het kleinste kind wist dat de verfilming er ooit zou komen, serveert Jackson gewoon meer van hetzelfde. Hij neemt er ook weer evenveel tijd voor, wat redelijk absurd is, want The Hobbit is een boek van driehonderd pagina's, en zelfs al zou je daarvan elk lidwoord willen verfilmen, dan nog kom je uren te kort voor een trilogie waarvan het eerste deel alweer bijna drie uur duurt. Echt veel gebeurt er in die tijd dan ook niet: er raken een hoop dwergen hun kasteel kwijt en ... euh, ja, oké, dat is het zowat. Ah, nee, wacht: die ene hobbit steelt tussendoor ergens de ring van Gollum, maar dat gebeurt veelal tussen de soep en patatten door. Pas op: er komen ook nu weer een troep elfen aan te pas, trollen zijn er eveneens à gogo, en in wat wellicht de meest random actiescène uit de geschiedenis van Middle-earth moet zijn, komen een paar rotsen tot leven.

 

the hobbit,bespreking,review,an unexpected journeyHet goede nieuws is dat iedereen al die tijd voortdurend blijft stappen (behalve in het eerste halfuur, dat nog langer lijkt aan te slepen dan het einde van The Return of the King), zodat de plot nooit écht begint te vervelen. Maar in tegenstelling tot The Fellowship of the Ring, is The Hobbit allesbehalve een overweldigend epos dat een fantastische trektocht op gang trapt. Het voelt - ondanks de indrukwekkende visuele effecten, waar iedereen de afgelopen tien jaar weliswaar aan gewoon is geraakt - meer aan als een verplicht nummertje (van iemand die stilaan meer bezorgd lijkt om wat Tolkien ervan zou denken dan om wat het publiek ervan vindt).

 

Tot slot, wat die 48 beelden per seconde betreft, ik kan mij niet inbeelden dat iemand daar echt wakker van ligt. Ik vond de hyperrealistische beelden niet lelijk (het is gewoon een andere esthetiek), maar ook niet uitzonderlijk mooi (honderd jaar aan 24 beelden per seconde naar cinema kijken laat zijn sporen na, al moet ik eerlijk toegeven dat je na een halfuur gewoon stopt met erop te letten).

 

Bottom line: als je de vorige trilogie subliem vond, dan zul je The Hobbit ook wel lusten. Het zal alleen niet om iets unexpected zijn, maar omdat het precies is wat je ervan expect.

 

11 september 2012

The Bourne Whatever

84782.jpgEerlijk: ik had er een goed oog in, in The Bourne Legacy. De eerste trilogie (The Bourne Identity, Supremacy & Ultimatum) was uitmuntend, en om de reeks te rebooten, deed Universal een beroep op Tony Gilroy, de scenarist van de eerste drie die zich met Michael Clayton en Duplicity inmiddels ook een gedreven regisseur heeft getoond. Jeremy Renner, die werd ingehuurd om Matt Damon te doen vergeten, is bovendien een uitstekend acteur, en sinds The Constant Gardener kan Rachel Weisz niets fout meer doen (behalve Eragon, My Blueberry Nights, The Brothers Bloom, Fred Claus, The Lovely Bones en The Whistleblower).

 

Even eerlijk: The Bourne Legacy is niet slecht. Er zitten een aantal spectaculaire actiescènes in; gastoptredens van David Strathairn, Scott Glenn en Joan Allen zorgen ervoor dat - Legacy begint vrijwel onmiddellijk na Ultimatum - de continuïteit wordt gegarandeerd; het personage van Edward Norton wordt aan het verhaal toegevoegd alsof hij er al jaren in rondloopt; en de premisse is niet eens zo vergezocht. Kort samengevat: na de ontsnapping van Jason Bourne besluit de CIA om de andere agenten uit het programma - there was never just one - te neutraliseren. Uit voorzorg. Aaron Cross, één van die agenten, is daar begrijpelijk niet zo gelukkig mee. De andere evenmin, maar die blijken - voor superagenten - dan toch niet zo snugger te zijn.

 

Zoals Damon in zijn eerste film, begint Renner al te lopen, klimmen, springen, racen, snelwandelen en liggend karabijnschieten voor de plot deftig op de rails staat. Maar in tegenstelling tot de eerste drie afleveringen, is de suspense zelden te snijden. Het grootste probleem is dat met de legacy van Jason Bourne niets nieuws wordt aangevangen: het afwezige titelpersonage is gewoon vervangen door iemand die weer van voren af aan begint te lopen. Met dat verschil dat Bourne niet wist waarom (of van wie) hij op de vlucht was, terwijl nu werkelijk iedereen van meet af aan weet hoe de vork aan de steel zit. Gilroy voegt er dan maar een hoop subplots aan toe om de film meer gewicht te geven, maar hij kan niet verhinderen dat - sans Bourne - The Bourne Legacy in zijn geheel aanvoelt als een lang uitgesponnen subplot. Jammer, voor Rachel Weisz.

 

22 september 2011

R.E.M.(E.R.C.I.)

r.e.m., vincent moon, this is not a show, jeremiah, dvd, reviewIk zal eerlijk toegeven dat ik niet weet uit welk jaar het laatste album van R.E.M. dateert - soms laat je dingen gewoon los, en R.E.M. was één van die dingen. Ik kan me evenwel ook niet herinneren dat ik - zelfs de afgelopen jaren - ooit iets slechts van hen heb gehoord. Maar ik luister dan ook niet zoveel naar Radio 1, want daar onderbreken ze de muziek vaak voor Eva De Roovere, en ik krijg daar uitslag van.

 

Wél heb ik de afgelopen jaren nog iets interessants van hen gezien: de 'onconcertfilm' This Is Not a Show van de lichtjes geniale Vincent Moon (en Jeremiah). Bij wijze van hartverscheurend emotioneel afscheid heb ik bijgevolg de bespreking van die dvd (oorspronkelijk verschenen in Knack Focus) nog eens van onder het stof gehaald. En misschien moet ik dat - drama queen als ik ben - nu ook nog maar eens doen met de feitelijke dvd.

 

rem-this-is-not-a-show.jpgCeci n’est pas un concert

R.E.M. legt ‘This Is Not a Show’ in de winkel; een ‘onconcertfilm’ over ‘een tournee die nooit plaatsvond’. Bent u nog mee?

 

‘Thank you very much! Good night!’ Je moet het regisseurs Vincent Moon & Jeremiah nageven: er zijn weinig concertfilms die openen met het einde. Maar zoals de titel van de film aangeeft, is This Is Not a Show geen doorsnee concertfilm. Al blijkt dat uiteindelijk nog best – hangt ervan af hoe u het bekijkt – mee/tegen te vallen.


This Is Not a Show is een bewust desoriënterend verslag van de vijf concerten die R.E.M. in de zomer van 2007 gaf in Dublin. De concerten maakten geen deel uit van een tournee en de band noemde ze ook liever geen concerten, maar ‘experimenten in terreur’. Bedoeling was om songs voor een nieuwe plaat uit te testen, nog voor de groep ermee in de studio dook. Meer nog: vaak waren de nummers, waarvan de meeste een jaar later op het album Accelerate zouden staan, nog niet eens af. In de film zie je Michael Stipe lustig verder aan de lyrics schrijven, terwijl R.E.M. de reeks concerten aan het afwerken is.


Vincent Moon & Jeremiah brengen dat ongebruikelijke, zelfs chaotische werkproces op weergaloze en vooral ook toepasselijke wijze in beeld. De concertbeelden flitsen voorbij, in sterk contrastrijke, schimmige zwart-witfotografie; en wat zich backstage afspeelt, wordt getypeerd door een vaal kleurenpalet en een totaal gebrek aan context. Het resultaat is verbluffend knap en hypnotiserend kinetisch. Maar dat maakt van This Is Not a Show natuurlijk nog altijd geen ‘onconcertfilm’, veeleer een ‘atypische concertfilm’ of – nog beter – ‘eindelijk nog eens een concertfilm die de moeite loont’.


This Is Not a Show werd als bonusdisk toegevoegd aan een dubbele liveplaat van de band met daarop alle 39 songs die R.E.M. twee zomers geleden in Dublin speelde. Op Electrolite en Drive na, zitten er amper hits tussen. Als ze even geen nieuwe nummers uittesten, grossierden Stipe en de zijnen in songs die nooit op single verschenen en/of geen enkele recente tournee haalden. Er staan zelfs een aantal nieuwe nummers op die dan toch niet op het album Accelerate terechtkwamen, en waarvan de liveversie nu de enige officiële release is. Alleen al daarom, maar toch ook wel een beetje omdat zoveel lef en visie beloond moet worden, zou Live at the Olympia niet in uw collectie (instant) legendarische concertplaten mogen ontbreken.

 

03 juni 2011

X-Women: First Class

x-men, first class, review, recensieGisterenavond naar X-Men: First Class gaan kijken en mij verrassend goed geamuseerd. Oké, ik vond Kick-Ass, de vorige film van Matthew Vaughn, ook al goed, maar ik kon me moeilijk voorstellen dat hij dit keer evenveel vrijheid zou krijgen. Naast Pirates of the Caribbean: On Stranger Tides moet First Class zowat de belangrijkste reboot van het jaar worden, nadat de originele trilogie op een sisser (X-Men: The Last Stand) is uitgelopen en het wellicht bij één stompzinnige Origins-spin-off (Wolverine) zal blijven.

Blijkt echter dat Vaughn niet veel vrijheid nodig had: het scenario (over hoe de helft van de personages uit de eerste trilogie geworden zijn wie ze zijn) is bijzonder strak en sleurt er zelfs op geloofwaardige wijze de Cubacrisis bij, alsof het de normaalste zaak van de wereld is dat mutanten daarachter zaten. Maar dé kracht van de film zit hem zonder twijfel in de vertolkingen van mogelijk de beste cast uit de geschiedenis van de stripverfilming – op Batman Returns na welteverstaan. 

 

x-men, first class, review, recensieJames McAvoy zet de perfecte Charles Xavier neer; Michael ‘Hunger’ Fassbender is altijd briljant, zo ook als Magneto; Kevin Bacon is voortreffelijk als de (initiële) slechterik van dienst; en dan zijn er Jennifer ‘Winter’s Bone’ Lawrence en January ‘Mad Men’ Jones die als respectievelijk Mystique en Emma Frost een robbertje vechten om de titel ‘moordgriet van Altamira tot heden’. Nee, echt, X-Men: First Class is fun.

 

10:29 in Film, Videos | Permalink | Tags: x-men, first class, review, recensie | |