09 augustus 2012

Jazz At The Movies

Annex - Douglas, Kirk (Young Man With a Horn)_01.jpgOmdat het deze zomer toch geen weer is/was om een hond door te jagen, slaan Cinema Zuid en de Antwerpse Jazz Club de handen in elkaar voor een reeks over jazz cats: Jazz at the Movies. Op het programma staan onder meer twee concertfilms: Bert Sterns Jazz On a Summer’s Day uit 1958 en Robert Altmans Jazz ’34: Remembrances of Kansas City Swing uit 1997. De eerste is één van de eerste concertfilms die naam waardig, de tweede bestaat uit jamsessies met de grootste jazzmuzikanten uit de jaren ’90, opgenomen voor de Altman-film Kansas City. De Amerikaanse regisseur kon ze uiteindelijk amper gebruiken, dus besloot hij er een aparte film mee te maken.

 

Eveneens interessant: Young Man with a Horn van Michael Curtiz, waarin Kirk Douglas een blanke jazzmuzikant speelt in het New York van de jaren ’20 – toen nog even een even groot curiosum als Vanilla Ice in de jaren ’80. De film is losjes gebaseerd op het leven van kornettist Bix Beiderbecke, wiens instrument duidelijk niet voldoende sexy was voor Hollywood: Curtiz maakte er een trompettist van. De trompetpartijen van Douglas werden ingespeeld door Harry James.

 

Ook Sal Mineo playbackt in The Gene Krupa Story, de vierde film uit de reeks (over de legendarische big band-drummer bij wie Apollo 440 de mosterd haalde voor het nummer Krupa). De drumpartijen van Mineo in de film zijn van Krupa zelf.

 

JAZZ ON A SUMMER'S DAY

 

JAZZ '34

 

YOUNG MAN WITH A HORN

 

THE GENE KRUPA STORY

10 juli 2012

The Fang Five!

scaled-1.jpgDe vampierfilm mag zich stilaan één van de oudste levende filmgenres noemen – wat enigszins ironisch is, gezien zijn onderwerp. Terwijl musicals en westerns veeleer kunstmatig in leven worden gehouden, blaakt de vampierfilm vandaag van gezondheid. Meer zelfs: sinds de eerste bloedzuigers zo’n honderd jaar geleden hun tanden in het witte doek zetten en filmmakers als F.W. Murnau (Nosferatu) en Tod Browning (Dracula) er hun voordeel mee deden, is het genre zelden zo populair geweest als nu.

 

Twilight is ontegensprekelijk één van de succesvolste filmreeksen van de afgelopen jaren, de Zweedse suspensefilm Let the Right One In bleek een instant klassieker, Tim Burton tekende recent voor de vampierkomedie Dark Shadows, en op televisie gooit de serie True Blood hoge ogen. Cinema Zuid achtte de tijd daarom rijp voor een kleine retrospectieve: het pakt uit met onder meer het meesterlijke Bram Stoker’s Dracula van Francis Ford Coppola en – een Belgische bijdrage aan het genre uit 1970 – Daughters of Darkness van Harry Kümel.

 

Mijn vijf favorieten uit het genre staan hieronder!

 

1. Bram Stoker’s Dracula (Francis Ford Coppola, 1992)



Bram Stoker’s Dracula is niet alleen een van de meest getrouwe verfilmingen van de gelijknamige roman, het is ook een sublieme hommage aan honderd jaar cinema. De verwijzingen naar de gotische horrorklassiekers van de legendarische Britse Hammer-studio liggen voor de hand, maar regisseur Francis Ford Coppola sleurt er eveneens eeuwenoude cameratechnieken van de broers Lumière bij om – nu eens griezelig romantisch, dan weer huiveringwekkend erotisch – het verhaal van een van de meest tragische antihelden uit de literatuurgeschiedenis te vertellen. Gary Oldman maakt bovendien op weergaloze wijze een getormenteerde ziel van de goddeloze protagonist, die hemel (of hel) en aarde beweegt om met zijn eeuwige liefde herenigd te worden. Dat grenzeloze verlangen ziet niet enkel in de vertolking van Oldman, maar ook in het vurige kleurenspectrum, de glorieuze kostuumontwerpen, hitsige dromen, Coppola’s ongebreidelde experimenteerdrift en de bezeten symfonische score van de Pool Wojciech Kilar.

 

2. Nosferatu (F.W. Murnau, 1922)



Er bestaan flink wat legendarische verfilmingen van Bram Stokers roman Dracula, maar Dracula van Tod Browning en Nosferatu van Friedrich Wilhelm Murnau, een van de grondleggers van het Duitse expressionisme, zijn veruit de oudste en alleen al daarom ook invloedrijkste. Vooral Nosferatu bleek een gigantische bron van inspiratie, ook al ziet hij er acht decennia later onvermijdelijk gedateerd uit. Maar de gotische horror en expressionistische mise-en-scène zijn nog steeds ontzagwekkend, en geen enkele acteur heeft de bloedzuiger ooit zo ijzingwekkend neergezet als Max Schreck. Nosferatu is bovendien de eerste film waarin een vampier het leven laat omdat hij met zonlicht in contact komt. Vòòr de film van Murnau waren de wezens er niet echt tuk op, maar konden ze het wel verdragen.



3. Let the Right One In (Tomas Alfredson, 2008)



Dit Zweedse kleinood, dat enkele jaren geleden de Gouden Raaf won op het Brusselse Festival van de Fantastische Film, is gebaseerd op de gelijknamige roman van John Ajvide Lindqvist. De film doet het verhaal van een twaalfjarige jongen die wordt gepest. Aan dat laatste komt echter een einde wanneer hij zijn nieuwe buurmeisje leert kennen – een vampier. Toegegeven, die synopsis klinkt eerder grappig of vertederend dan eng, maar Let the Right One In telt wel degelijk ook een flink aantal gore, macabere scènes en de suspense is dikwijls om te snijden. Regisseur Tomas Alfredson injecteert de film eveneens met een flinke dosis humor, en de fotografie van de Zweed Hoyte Van Hoytema is van een bijna buitenaardse schoonheid. De Amerikaanse remake is trouwens ook niet slecht, maar het origineel is beter.


4. From Dusk Till Dawn (Robert Rodriguez, 1996)



George Clooney had zich geen betere film kunnen wensen om komaf te maken met zijn ER-reputatie. Deze bloederige en demonische western van regisseur Robert Rodriguez en scenarist Quentin Tarantino wordt gekenmerkt door precies datgene waar gevoelige zieltjes op afknappen: een overdaad aan seks en geweld. Rodriguez en Tarantino, die zelf ook een rol voor zijn rekening neemt, grasduinden ervoor in de rijke geschiedenis van de B-film en plunderden gretig het oeuvre van onder meer van Sam Raimi, John Carpenter en George A. Romero. De ongelikte dialogen, de overdadige speciale effecten, de geestige vertolkingen, de kostelijke countrymuziek en de roemruchte stripact van Salma Hayek zorgen voor een rist onvergetelijke en bovenal ongemeen grappige momenten. From Dusk Till Dawn is een instant exploitatieklassieker.


5. Interview with the Vampire (Neil Jordan, 1994)



Toen Neil Jordans Interview with the Vampire in de zalen kwam, waren de kritieken verdeeld. De ene noemde hem een intelligente, melancholische en gotische horrorfilm; de andere vond de plot eerder mager, de emoties overdreven onderkoeld en glamourboy Tom Cruise volledig miscast als de listige protagonist Lestat. Ook Anne Rice, op wier romans de film is gebaseerd, was aanvankelijk niet te spreken over de casting van Cruise. Feit is dat de vertolking van Cruise niet opmerkelijk is, maar de rest van de film is dat gelukkig wél. Van de fotografie gaat een verrukkelijke dreiging uit, de decors van grootmeester van Dante Ferretti ogen grandioos, de jonge Kirsten Dunst is een revelatie, en de plot vindt een perfect evenwicht tussen passionele haat en – het gaat tenslotte om vampiers – onderkoelde liefde.

01 april 2012

NSFW: Upload Cinema

IMG_7864-klein.jpgOmdat een mens iets moet doen om vandaag aan het oesterfestijn langs de Oude Kwaremont te ontsnappen (en omdat Cinema Zuid het mij kreunend in het oor fluisterde), dacht ik op deze heilige dag wat reclame te maken voor de volgende Upload Cinema - met Hot Marijke!

 

Voor wie te lui is om op de link hierboven te klikken: het Nederlandse Upload Cinema brengt de beste, grappigste en/of spraakmakendste webfilms in de bioscoop. Sinds vorig jaar doet ook het met (ja, uw!) belastingsgeld gesubsidieerde Cinema Zuid mee en die nodigen deze week Hot Marijke uit om de voorstelling NSFW (Not Safe for Work) van de nodige commentaar te voorzien. Vanzelfsprekend vind ik dit zodanig ongehoord dat ik heb besloten om deze vertoning te boycotten - in de definitie van André Denys, aan wie iemand misschien eens het verschil tussen 'boycotten' en 'saboteren' moet uitleggen.

 

In een gewiekste poging om Cinema Zuid en Hot Marijke, die mij - victory! - sinds kort volgt op Twitter, de wind uit de zeilen te nemen, heb ik hieronder reeds enkele films uit de voorstelling gezet - gratis! Maar ik wil nog verder gaan, omdat ik vind dat u als rechtgeaarde belastingsbetaler niet voor uw cultureel verantwoorde porno zou mogen betalen. Daarom! Wie mij voor woensdag (middernacht) een grappige titel van een pornofilm mailt, maakt kans op één van de acht duotickets voor Upload Cinema met Hot Marijke (op donderdag 5 april). Het mag alleen niet Shaving Ryan's Private zijn, want die kent zo stilaan iedereen.

 

Uiteraard winnen de acht grappigste inzendingen. Succes!

 

NSFW: Super Sexy CPR

 

NSFW: Barbarella

 

NSFW: Hedonism II

05 december 2011

Fashion Film Killed the Video Star

FlyerFashionOff_281111_recto.jpgHet is intussen een publiek geheim dat dit weekend in Antwerpen FASH!ON/off plaatsvindt – het eerste Belgische fashion film festival. Wat de videoclip was voor de jaren tachtig, wordt de modefilm namelijk voor de jaren tien. En als je nu geen flauw idee hebt waarover ik het heb, dan zou ik mij geen al te grote zorgen maken. Je bent niet alleen.

De voorbije weken kreeg ik de vraag zeker twintig keer gesteld: wat dat wel mag zijn, fashion film? Ik heb het intussen ook zelf even zitten googelen – om te zien waar je zoal op uitkomt – en blijkt dat de online oogst nog goed meevalt. De Bollywood-film Fashion buiten beschouwing gelaten welteverstaan, net als die top tien van de markantste garderobes uit de filmgeschiedenis: Marlon Brando in The Wild One, Madonna in Desperately Seeking Susan, de volledige cast van Reservoir Dogs, Sarah Jessica Parker in Sex and the City. Op die laatste na, is dat lijstje eigenlijk nog goed te pruimen, maar het heeft allemaal niets met ‘modefilm’ te maken. Of toch niet met het soort modefilm waar FASH!ON/off rond draait.

Google leverde echter eveneens verschillende links op naar sites die die lading wél dekken, en misschien moet ik nu zelf ook maar eerst een paar voorbeelden geven van wat modefilms (kunnen) zijn, voor ik er verder de lof over zing en de vergelijking met de videoclip maken. Het eerste voorbeeld staat hieronder en is op een jaar tijd uitgegroeid tot een absolute mijlpaal in het genre: KM3D-1 van Baillie Walsh, bekend van onder meer Kylie Minogue’s briljante videoclip voor Slow. De 3D-film (gemaakt voor de website van het Britse modetijdschrift AnOther; het gekleurde brilletje stak bij de papieren versie) is een soort vervolg op het hologram dat Walsh en Moss zes jaar geleden maakten voor een show van Alexander McQueen, en laat zien hoe een als vanouds gracieuze Moss diamanten naar de camera gooit – ‘supplied by Swarovski’. Meer gebeurt er niet, dus noem KM3D-1 – ondanks zijn verbluffende cameratechniek (1000 beelden per seconde!) en filosofisch traktaat over hoe Moss er haar eigen zelfbeeld in aan diggelen slaat – geen grensverleggende videokunst. Het is pure en peperdure eye candy – maar dan wel grand cru.

 

 


Het tweede voorbeeld (zie helemaal onderaan) staat op naam van Kenneth Anger, de legendarische experimentele filmmaker die de tachtig intussen gepasseerd is en zich in zijn carrière nooit met commercials of product placement heeft ingelaten. Dat uitgerekend zo’n man vorig jaar een (heerlijk psychedelisch) filmpje voor het Italiaanse modehuis Missoni inblikte, zegt veel over de artistieke vrijheid die de modefilm op dit moment biedt. Er zijn maar twee – en zelfs die zijn betwistbaar – constanten: er komen kleren, juwelen en/of accessoires in voor, en de rekening wordt betaald door modehuizen en/of modebladen.

Waarom? Omdat die zich – snel! – aan het voorbereiden zijn op de toekomst, en die is audiovisueel. Voor de mode-industrie, die in het verleden inzette op foto’s en daarmee de carrière van heel wat grote fotografen lanceerde, houdt dat een volledig andere manier van denken en werken in. Het kan bijgevolg best wat hulp gebruiken, ‘van gelijk wie een camera heeft’, lijkt de redenering te zijn. Een beetje zoals platenmaatschappijen in de jaren tachtig op zoek gingen naar mensen om voor hen videoclips te maken – ‘om het even wie, zolang het maar over twee weken klaar is.’

PradaAW11-3.jpgIk overdrijf. En toch. De komst van MTV dwong platenlabels om een soort minifilmmaatschappijen te worden. De verkoop van songs hing niet langer louter af van het aantal radiostations dat ze in high rotation stak; het was plots ook belangrijk om ze op tv ‘vertoond’ te krijgen. Alleen had de muziekindustrie weinig tot geen ervaring op vlak van audiovisuele producties, en stond de filmindustrie niet te springen om haar grote zus uit de nood te helpen. Tegenwoordig mag het dan al bonton zijn om voor televisie te werken, begin jaren tachtig keken filmmakers op het medium neer. Pas toen David Lynch – begin jaren negentig – Twin Peaks inblikte, kwam daar geleidelijk aan verandering in.

Kort samengevat: de muziekindustrie zat in de jaren tachtig – lang voor de komst van Napster – op een bom geld, ze had er zopas een gigantisch promokanaal bij gekregen, maar ze kende niemand die dat promokanaal voor hen van content kon voorzien. Dus bestond de eerste generatie videoclipregisseurs uit een hoop armtierige filmstudenten, leergierige fotografen, grensverleggende kunstenaars en toonaangevende reclamemakers.

Het gevolg was dat de videoclip zich in geen tijd ontpopte tot de meest avant-gardistische en technisch innovatieve kunstvorm. De muziekindustrie had geen flauw idee waar het mee bezig was en schreef gewoon cheques uit; verlost van een narratief juk, experimenteerden de makers van videoclips onbeteugeld met vorm en techniek; en de muziekzender MTV, die toen nog voor kwaliteit stond en voor zijn huisstijl een beroep deed op eigenzinnige animators als Bill Plympton, had niets liever. Nee, echt, de jaren tachtig waren zo slecht nog niet.

ruth_hogben_gareth_pugh.jpgVandaag zie je veelal hetzelfde gebeuren in de mode-industrie. Met dat verschil dat het onjuist zou zijn om te zeggen dat de modesector totaal geen ervaring heeft met het maken van filmpjes. Er is echter een groot verschil tussen een commercial en creative content. Uiteraard zeggen ze beide hetzelfde: koop mij! Alleen zegt de ene het letterlijk, terwijl de andere het subtiel probeert aan te pakken. Dat laatste valt in de regel niet uit te leggen aan marketingjongens, die gewoon overal hun logo op willen, ‘en wel zo groot mogelijk’. Alleen is dat niet het soort reclame waar toonaangevende modeblogs op inpikken, laat staan dat iemand zin heeft om er zijn Facebook mee te behangen. Maar dat laatste willen modehuizen natuurlijk wel zien gebeuren.

Social media bieden de mode-industrie vandaag een waaier aan relatief nieuwe communicatiemogelijkheden, maar dan moet ze wel met filmpjes afkomen, niet met foto’s. Bovendien zal het belang van video de komende jaren alleen maar toenemen, wanneer iedereen geleidelijk aan de printversie van kranten en tijdschriften inruilt voor een digitaal abonnement. In plaats van op papier naar een stilstaand beeld van een jurk te kijken, draait iedereen er straks op zijn tablet gewoon met de vingers rond. You like? Geen probleem: klik hier en bestel.

De komende jaren wordt het voor iedereen zoeken naar een soort evenwicht tussen interessante, unieke content en ‘hoe we er tienduizend bloesjes meer door kunnen verkopen’. Zoals ook videoclips in essentie nooit iets anders geweest zijn dan een soort glijmiddel om meer singles en albums te verkopen. Alleen heeft dat er beginnende regisseurs als David Fincher, Spike Jonze, Michel Gondry, Jonathan Glazer en Mark Romanek nooit van weerhouden om audiovisuele meesterwerken te maken – twee videoclips van Romanek, Closer (Nine Inch Nails) en Bedtime Story (Madonna), behoren intussen zelfs tot de vaste collectie van het Museum of Modern Art in New York. Wedden dat die collectie binnen afzienbare tijd ook een pak fashion films telt?

 

 

04 december 2011

Wong Kong

HK_panorama1.jpgMorgen start in Bozar (en vervolgens ook in Cinema Zuid) het minifestival Hong Kong Film Panorama. First up: Echoes of the Rainbow van Alex Law, die er vorig jaar in Berlijn de Zilveren Beer (beste regie) voor kreeg. Geen idee of dat laatste terecht was, want ik heb hem zelf nog niet gezien. Ook de andere films op de affiche zeggen mij op het eerste gezicht niets, behalve Ashes of Time Redux van Wong Kar-wai.

 

In hetzelfde jaar dat de Hongkongse grootmeester zijn internationale doorbraakfilm Chunking Express inblikte, maakte Wong Kar-wai nog een andere film: Ashes of Time. Christopher Doyle, met wie Wong Kar-wai toen steevast samenwerkte, kreeg er in Venetië de prijs voor de beste cinematografie voor, maar in de meeste landen kwam de film nooit in de zalen. Meer nog: toen de filmmaker enkele jaren geleden op zoek ging naar een kopie, kwam hij tot de vaststelling dat er zelfs niet één fatsoenlijk was bewaard. Sommige shots en scènes hadden onherstelbare schade opgelopen en ook de soundtrack was nauwelijks te restaureren. Met wat nog wel viel te restaureren, besloot de regisseur een nieuwe versie te maken, en hij huurde de roemruchte cellist Yo-Yo Ma in om nieuwe muziek te schrijven.


De nieuwe versie heet Ashes of Time Redux, ging twee jaar geleden in première tijdens het filmfestival van Cannes, en werd daar op een hooguit beleefd applaus onthaald - omdat de plot eigenlijk feitelijk kant noch wal raakt. Let op: er zit een verhaal in (over een eeuwenoude zwaardvechter), maar het komt niet uit de verf. Dat gezegd zijnde, verveelt Ashes of Time Redux geen seconde, enerzijds omwille van de – de jury in Venetië had gelijk – grandioze cinematografie van Christopher Doyle, anderzijds omwille van de bevlogen mise-en-scène en montage van Wong Kar Wai. Maar eerlijk: een meesterwerk is Ashes of Time Redux niet; hooguit een visueel aantrekkelijk curiosum.