27 december 2011 | Commentaren (0)

The Big TV Screen

1181713389_2.jpgGisterenavond eindelijk Mission: Impossible - Ghost Protocol gezien (voorafgegaan door het nieuw logo van Paramount) - and glad I did. De vierde aflevering van Brad Bird, die zich na kleinoden als The Iron Giant, The Incredibles en Ratatouille één van de meest getalenteerde animators van de voorbije vijftien jaar mag noemen, is ongegeneerd spectaculair en luid, zonder dat je, zoals in de meeste Bond-films, de plot zelf bij elkaar moet proberen rapen. Niet dat de plot er ook in dit geval niet los over is, maar Bird houdt je bij de les en een opeenvolging van onderhoudende stunts, BMW-prototypes en Léa Seydoux doen de rest. Simpel, efficiënt, plezant.

 

Wat mij meteen ook op het idee bracht om de vijf beste tv-serieverfilmingen aller tijden op te lijsten.

 

1. The Untouchables (Brian De Palma, 1987)

untouch.jpgBrian De Palma probeert al enkele jaren een prequel op zijn meesterlijke gangsterepos The Untouchables – naar de gelijknamige serie uit 1953 – van de grond te krijgen. Het project gaat al zolang mee dat Nicolas Cage op een bepaald moment in de running was om gestalte te geven aan de jonge Al Capone – intussen is Cage twee jaar ouder dan Robert De Niro in het origineel. Maar misschien is dat alleen maar goed nieuws, want de kans dat de prequel kan tippen aan zijn voorganger is bijzonder klein. De ene na de andere briljante scène dient zich aan in deze meesterlijke misdaadfilm (of moderne western) over de strijd van een vijftal onkreukbare politieagenten tegen Al Capone. De cast (Robert De Niro, Sean Connery, Andy Garcia en Kevin ‘ik was toen nog te doen’ Costner) is moorddadig, de muziek van Ennio Morricone is ongeëvenaard, het scenario van David Mamet is subliem, en dan is natuurlijk ook nog de op Sergei Eisensteins klassieker Potemkin gebaseerde trappenscène – een verbluffend staaltje cinema waarin de suspense minutenlang genadeloos wordt opgebouwd om dan plots te ontploffen in het gezicht van de kijker.

 



2. Miami Vice (Michael Mann, 2006)

miami.jpgMichael Mann, die zelf ook de tv-serie met Don Johnson produceerde, heeft mogelijk een nieuw genre uitgevonden: de revisionistische tv-serieverfilming. Miami Vice lijkt in niets op de originele tv-serie: de no-nonsense film schuwt oneliners, popmuziek én de pastelkleuren die van Sonny Crockett en Ricardo Tubbs stijliconen maakten. Mann zag in de bioscoopversie eerder een update dan een remake. Miami Vice, de film, doet alsof Miami Vice, de nochtans toonaangevende serie, nooit bestaan heeft, zoals revisionistische westerns het ondubbelzinnig Wilde Westen uit de klassieke westerns negeren. In het geval van Mann levert dat een onnodig complexe en narratief wat slabakkende, maar visueel imposante en letterlijk adembenemende actiefilm op die in 2006 een staalkaart biedt van waar digitale cinema toe in staat is – in Miami Vice zit niet één shot waar geen ondraaglijke intensiteit van uitgaat.

 

 

3. Mission: Impossible (Brian De Palma, 1996)

 

mission-impossible-dvd.jpgIk kan niet zeggen dat de tweede aflevering van John Woo mij danig heeft kunnen boeien, maar de derde van J.J. Abrams was fun, van de vierde heb ik dus eveneens genoten, en de eerste van Brian De Palma is gewoon een klassieker. De plot is dan al weinig waterdicht, de mise-en-scène is stijlvol en gracieus, Tom Cruise is wonderbaarlijk te pruimen, en het maakt niet uit hoeveel speciale effecten er in de latere afleveringen nog aan te pas kwamen, de ontzagwekkend lange scène waarin het leven van Cruise aan een metalen draadje hangt, is minstens even spannend als de trappenscène in The Untouchables.

 



4. The Fugitive (Andrew Davis, 1993)

fugitive_01.jpg Andrew Davis tekende in '93 voor een nagelbijtende achtervolgingsthriller – een adaptatie van de legendarische suspenseserie uit de jaren zestig. Harrison Ford en Tommy Lee Jones, die er een Oscar voor kreeg, leggen elkaar op onnavolgbare wijze het vuur aan de schenen, terwijl gaandeweg een moordcomplot aan het licht komt dat de film naar een buitengewoon bloedstollende finale voert. Het verhaal is redelijk van de pot gerukt: de strijd van Ford om zijn onschuld te bewijzen – hij wordt beschuldigd van de moord op zijn vrouw – is bij wijlen ridicuul. Maar Davis injecteert de film met zoveel gracieuze actiescènes, guitige dialogen én humor dat je bepaalde plotwendingen maar wat graag met een korreltje zout neemt.

 

 

5. Traffic (Steven Soderbergh, 2000)

trafficdvdcover.jpgVoor Traffic baseerde Steven Soderbergh zich op de Britse miniserie Traffik over de levenscyclus van heroïne – van de opiumplantages in Pakistan naar de straten van Groot-Brittannië. De versie van Soderbergh speelt zich dan al grotendeels af in de Verenigde Staten en Mexico, narratief blijft de filmmaker redelijk trouw aan de tv-serie. Al een geluk, want de kracht van de reeks zat hem in hoofdzaak in het verhaal, waarin nogal wat personages rondlopen die elkaars leven sterk beïnvloeden, zonder dat ze elkaar ooit tegenkomen. Soderbergh gebruikt drie aparte cinematografische stijlen om evenveel verhaallijnen in nog eens evenveel landen van elkaar te kunnen scheiden. Wat dat laatste betreft, komen ook de bekende koppen goed van pas, onder wie Michael Douglas (als een lid van het Amerikaanse hooggerechtshof), zijn vrouw Catherine Zeta-Jones (als de echtgenote van een getroebleerde drugsbaron) en Benicio Del Toro (als een belaagde Mexicaanse flik).

 

De commentaren zijn gesloten.